Een tandprothese aanrekenen: gebruik van pseudocodenummers
Vanaf 1 september 2017 rekent u tandprothesen aan door gebruik te maken van pseudocodenummers en niet meer door bijlage 56 in te vullen.

Wat is er veranderd vanaf 1 september 2017?

Vanaf 1 september 2017 wordt bijlage 56 afgeschaft. De faseregeling blijft wel in de nomenclatuur staan; voortaan moet u pseudocodenummers gebruiken om de prothese aan te rekenen.

Hoe moet u een tandprothese aanrekenen vanaf 1 september 2017?

Het nomenclatuurcodenummer van de prothese moet:

·         worden aangerekend op het getuigschrift voor verstrekte hulp (GVH) of via e-Fac, op de datum waarop de prothese is geplaatst

·         vermeld zijn samen met de pseudocodenummers die ook de data van de verschillende fasen vermelden.

Het gaat om de volgende pseudocodenummers:

·         389675 (-389686) voor de standaardafdruk

·         389690 (-389701) voor de individuele afdruk

·         389712 (-389723) voor de beetrelatiebepaling

·         389734 (-389745) bij de pas.

Voorbeeld: 
U rekent een volledige onderprothese aan. U vermeldt op het GVH dan de volgende pseudocodenummers:

·         389675 op datum van 5.10.2017

·         389690 op datum van 20.10.2017

·         389712 op datum van 10.11.2017

·         389734 op datum van 29.11.2017

U vermeldt het nomenclatuurcodenummer van de prothese 306935 op datum van 15.12.2017.

 

 

Wat indien er een boven- en onderprothese werd geplaatst ?

Meerdere situatie zijn mogelijk :

1.    Zowel de boven- als onderprothese worden gelijktijdig vervaardigd. Alle zittijden vallen op dezelfde momenten en de beide prothesen worden gelijktijdig geplaatst. U dient de pseudocodes slechts éénmaal op het GVH te vermelden met datum , alsook de prothese nomenclatuur met datum plaatsing.

Voorbeeld  : totale prothese in de boven- en onderkaak : u vermeldt dan op het GVH de volgende codering :

·         389675 op datum van 5.10.2017

·         389690 op datum van 20.10.2017

·         389712 op datum van 10.11.2017

·         389734 op datum van 29.11.2017

U vermeldt de nomenclatuurcodenummers van de prothesen 306913en 306935 op datum van 15.12.2017.

2.       De boven- en onderprothese worden niet gelijktijdig vervaardigd, maar worden wel beide op hetzelfde moment geplaatst. U dient voor elke prothese afzonderlijk de pseudocodes op het GVH te vermelden.

Voorbeeld : totale prothese in de boven- en onderkaak, zittijden verschillend. U vermeldt dan op het GVH de volgende codering :

·         389675 op datum van 5.10.2017

·         389690 op datum van 20.10.2017

·         389712 op datum van 10.11.2017

·         389734 op datum van 29.11.2017

·         306913 op datum van 15.12.2017

·         389675 op datum van 5.10.2017

·         389690 op datum van 18.10.2017

·         389712 op datum van 24.11.2017

·         389734 op datum van 29.11.2017

·         306935 op datum van 15.12.2017

Het kan dus zijn dat bepaalde zittijden overeenkomen en andere weer verschillen. De pseudocodes gaan het nomenclatuurnummer van de prothese waarop ze betrekking hebben, vooraf.

1.       De boven- en onderprothese worden niet gelijktijdig vervaardigd, en worden niet beide op het zelfde moment geplaatst. U dient voor elke prothese afzonderlijk de pseudocodes op het GVH te vermelden.

Voorbeeld : totale prothese in de boven- en onderkaak, zittijden en plaatsing  verschillend. U vermeldt dan op het GVH de volgende codering :

·         389675 op datum van 5.10.2017

·         389690 op datum van 20.10.2017

·         389712 op datum van 10.11.2017

·         389734 op datum van 29.11.2017

·         306913 op datum van 15.12.2017

·         389675 op datum van 5.10.2017

·         389690 op datum van 18.10.2017

·         389712 op datum van 24.11.2017

·         389734 op datum van 29.11.2017

·         306935 op datum van 21.12.2017

Het kan dus zijn dat bepaalde zittijden overeenkomen en andere weer verschillen. De pseudocodes gaan het nomenclatuurnummer van de prothese waarop ze betrekking hebben, vooraf.

Naast de pseudocode moet ook de datum staan waarop de zittijd werd verricht.